homepage    
  6: Bazoches - Le Mayet-de-Montagne
     


18-3 Bazoches - Plainefas (Morvan) (19 km + 500m)
19-3 Ouroux (Morvan) (21 km + 600 m)
20-3 Chaumes (Morvan) (8,5 km + 180 m)
21-3 Chateau Chinon (Morvan) (13 km + 500 m)
22-3 Onlay (Morvan) (16 km + 220 m)
23-3 Larochemillay (Morvan) (19 km + 550 m)
24-3 Luzy (Morvan) (11 km + ... m)
25-3 Grury (Morvan) (19 km + 200m)
26-3 Diou (Morvan) (11 km + 25 km auto door ziekte)
27-3 Rust
28-3 Montcombroux-les-mines (24,5 km + 300 m)
29-3 Andelaroche (19 km + 300 m)
30-3 Arfeuilles (15 km + 300 m)
31-3 La Mayet-de-Montagne (20 km + 350 m)
1-4 Rust

terug naar inhoudsopgave
etappe 5
. . .etappe 7


Tot de Morvan totaal ruim 835 km


Lees hieronder verder

Rust nodig
De meeste pelgrims die we gesproken hebben waren na 2 maanden al in Le Puy. Wij doen er zeker langer over, maar daar maken we ons niet druk over. Het is geen aangenomen werk. Wij blijken tot nu toe onze rustdagen hard nodig te hebben. In de Morvan zijn we doorgelopen; we namen een halve rustdag en liepen dan +/- 10 km. Mij bleek dat slecht te bekomen; niet alleen mijn voeten en mijn rug wilden rust maar ook mijn geest. Op een bepaald moment stond ik op en dacht bah, ik moet weer, hoewel het prachtig weer was. Dus toch maar weer rustdagen en dat kwam goed uit, want Greet werd rond 24 maart snipverkouden en voelde zich heel flauwtjes. Ook ik voelde me iets later suf en moe en gelukkig was daar die prachtige Chambres d'hôte van de familie Dragnet, in een prachtige 400 jaar oude boerderij tussen Diou en Dompierre-sur-Besbre. Dit soort huizen heeft meestal een aangename zitruimte met keuken en daar zaten we 1 1/2 dag lang naar heuvels, bossen, dartelende koeien, paarden, een eendenvijver en een ezel te kijken. Er werden ook nog 2 lammetjes geboren tijdens ons verblijf. Wat een rust, wat een stilte en wat een panorama! En heerlijke bedden. Wat zal dat afzien worden na Le Puy, als we de slaapzalen van gîtes met allerlei snurkende kerels moeten delen! Het zal wel moeten gezien de armetierige stand van mijn bankrekening. Vooral met dat koude natte weer heb ik mezelf extra verwend. Want dat hielp wel tegen de misère van een hele dag regen en je boterham opeten in een koude, vieze schuur.

De Morvan
We zijn door de Morvan heen. We hebben niet de hoogste route genomen maar wel stukken van de Tour du Morvan gelopen. Vanaf Auxerre hadden we langer dan een week goed weer en konden we vaak het asfalt verlaten. De meeste paden zijn nu begaanbaar, tenzij ze vlak langs een beekje of riviertje lopen. Halverwege de Morvan werd het heel slecht weer en dan wilden we opschieten en pakten 's-middags meestal de snelste weg via kleine asfaltweggetjes. Het Parc National du Morvan, ten zuiden van Vézélay is een lieflijk, groen, heuvelachtig gebied met veel bossen een beekjes en twee stuwmeren. Daartussen liggen wat boerendorpjes en gehuchtjes met op de weilanden van die mooie witte Charolais koeien. De weidegronden worden in vakken verdeeld met lage heggen, die ook paden en wegen omzomen. Als je die zou vervangen door stenen muurtjes, dan is het net Ierland (dat zeggen ook de bezoekend Ieren). Voor ons was het een gebied van absolute rust, zo ver voor het seizoen.
Met die kleine dorpjes enweinig winkels of horeca zal het wel nooit een toeristenkermis worden. Er komen veel Nederlanders: ze wonen er in de vakanties of zelfs het hele jaar, zoals Hermine Dormaas en Carl Lesemer, die we in het gehucht Larochemillay ontmoetten. Zij vertelden ons dat achter die gesloten luiken wel degelijk leven is; men zet echter alleen de luiken naar de achtertuin open. Hun huis springt direct in het oog op het verder doodse dorpspleintje: leuke zonwering , bloemen, tafeltje en stoeltjes buiten en ook 's-avonds de luiken open en zacht licht binnen. Volgens Carl doet hun voorbeeld anderen volgen. 's-Zomers is het in Larochemillay wel een vrolijke boel, werd ons verzekerd.

Zwarte wouden en gîtes
In de Morvan wordt het steeds meer lente en elke dag zien we meer bloeiende bomen, zelfs kersen. Waar het landschap beschut ligt wordt het al wat groener en al wekenlang zagen we hier en daar tere lichtgroene treurwilgen tussen de kale bomen. Nog steeds kunnen we bij regen alleen onder naaldbomen schuilen. De bossen zijn nog steeds bladerloos. We kwamen ook voor het eerst door een echt forêt noir, een dicht, heel donker bos van hoge dennenbomen. Het was slecht weer en griezelig donker. Op de GR 3 via Lavoine en Chableroche zouden we door Les Bois Noirs komen, die tot op een hoogte van bijna 1300 meter hoogte groeien, maar de gîte in Chableroche is opgeheven en we moesten onze route omgooien.

Die gîtes is een verhaal apart. Het zijn een soort jeugdherbergjes, vooral voor wandelaars, fietsers en paardrijders. Per overnachting betaal je Frs. 50 en er is een keuken. Tot de Morvan konden we er geen boeken, omdat ze zogenaamd werden verbouwd. In de Morvan waren ze al open en dat scheelde weer geld. Vaak konden we toch niet zelf koken want als er al een dorpswinkeltje was, was er weinig te koop behalve Cassoulet in blik. Wel waren er goedkope restaurantjes (50 à 60 Frs.) Veel gîtes zijn gevestigd in de Mairie (stadhuis) en zo kan het voorkomen dat je hartelijk ontvangen wordt door een ambtenares, die in de kamer tegenover het slaapzaaltje zit te werken. In Onlay is een heel primitieve gîte, ook in de Mairie maar omdat we de enige gasten waren was dat geen ramp. In de épicerie weer weinig te koop, maar geen nood want de jonge eigenaar heeft ook een restaurant;het heet L' père Jean. We legden hem uit dat we nu eens geen exclusieve streekgerechten (meestal zeer cholesterolrijk) maar gestampte pot wilden eten. Voor 50 Frs. maakte hij een maaltijdsoep met salade, waarna kaas en chocolademousse toe. Met zijn vrouw ging hij aan het tafeltje naast ons zitten eten - we waren de enige gasten - en ze vertelden ons dat ze uit de stad komen en dat het contact met de 84 wantrouwende dorpelingen stroef verloopt. Waarom dit jonge stel een restaurant/epicerie gekocht heeft, ver van de stad? Ze houden van natuur en rust en in het seizoen hebben ze het daar prima. Ze willen leuke dingen organiseren maar krijgen het dorp niet mee. Ik zag veel oude mensen, dus wie weet over een paar jaar? We tekende een petitie voor een betere gîte, omdat er veel pelgrims voorbij komen. Aanbevolen adres!

Paradijs voor pelgrims bij Aristos en Gerrit  


Pelgrims op deze route: bezoek het kasteeltje Les Gaillards van Aristos Bouïus en Gerrit Schelling: www.mijnsheerenland.com of e-mail naar lesgaillards@online.fr Telefoon 0033-(0)4-70996454. Wij pelgrims werden geweldig gastvrij ontvangen, heerlijk eten en slapen voor Frs. 140 pp. De volgende morgen heeft Gerrit, van beroep danser, goede oefeningen voor de spieren meegegeven. Deze Hollandais hebben goede contacten met de omgeving; Aristos begeleidt een zangkoor en ze organiseren tal van evenementen.

Er is nog veel meer te vertellen over Les Gaillards en ze hebben vrijwilligers nodig. Bezoek die website.

Islam in de Morvan
We zijn de enige St. Jacobus pelgrims met een Islamitisch stempel in ons paspoort. Zou dat wel mogen? Van wie? Op maandag 23 maart sjokte ik verdrietig door de blubber en de regen. Volgens de kaart en verdere informatie was er onderweg niets om te schuilen en het bleef maar hozen en koud. Ineens zag ik een bord: Institute Européen des Sciences Humaines met Arabische letters eronder. Geen café dus maar dure dames & heren in conferentie dachten we. We liepen door en kwamen in het gehuchtje Bouteloin een dame tegen met een hoofddoekje en een vrij lange rok. Het was geen non, maar ze sprak wel Frans en bracht ons naar de kantine van het betreffende instituut, dat alle gebouwen van het gehuchtje in beslag nam. Van de Marokkaanse kok kregen we koffie en koekjes. Het bleek een soort internaat te zijn voor jongeren uit de hele wereld die de Islam bestuderen en het leek me niet fundamentalistisch. Iedereen vond onze pélérinage prachtig en dus vroeg ik aan de directeur, die geen soepjurk maar een gewoon pak droeg, een stempel. Die kreeg ik op voorwaarde dat hij een kaartje uit Santiago zou krijgen. Het bleef regenen, er wachtte ons nog veel blubber maar ik was niet zo verdrietig meer. En 's-avonds aten we in Onlay bij L' père Jean (zie hiervoor) en kwam het allemaal weer goed.

Scharrelvarkens en de rugzak
Soms volgen we de GR 3, vaak kiezen we onze eigen route, langs landweggetjes waar je urenlang geen auto ziet of bospaden. Zo kwamen we in Arfeuilles in een paradijselijk beekdal waar we ons ver van elke vorm van beschaving voelden. De zon scheen, het beekje ruiste en de vogels zongen. Aan het begin was alleen een grote boerderij op een heuvel, met echte scharrelvarkens en dat zien we in Frankrijk wel vaker. Op een helling met gras, struiken, modder en een beekje stond een aantal ronde hutjes met de deur open. De varkens en biggen scharrelden vrolijk rond of lagen lui te soezen. Ook al paradijselijk! Ik, ondertussen had het moeilijk. Ik was aardig aan de rugzak gewend en laat het nou opeens prachtig weer worden! Dus veel meer dan een kilo erbij aan regenjack, fleece, vest, enzovoort en weer rugpijn. Daarom ben ik vandaag op grammenjacht gegaan! Wat kan ik nog naar huis sturen? Hoe moet het gaan als het nog warmer wordt? En dat wordt het want voor 1 juli in Santiago zal niet lukken. Een T-shirt, lichtgewicht rugzakje, reservebril, warm thermo-hemd, weer wat wandelkaarten en papieren, voetencrème, de helft van de zitmat, de lapland-mok, 1 bh, 1 sjaaltje en de thermo-huls van de veldfles moeten er aan geloven. De slaapzak durf ik niet te lozen; er is mij verzekerd dat je die beslist nodig hebt in de gîtes en de refugios, evenals de oordopjes.

Bezoek de site van het Comité - St. Jacques 2000 dat de pelgrimsroute Vézélay - Le Puy weer in ere wil herstellen, met een goede wandelgids en voldoende overnachtingsmogelijkheden: http://www.contrepoints.com/

(inhoud)