home deel 1 deel 3: Gobi deel 4: Gobi foto's 1 foto's 2 links



DE BLAUWE HEMEL VAN MONGOLIË

Bergwandeltocht deel 2


za 7-9 barre tocht over bergpas van 2975 meter!

Het is behoorlijk koud en winderig geweest vannacht. Daarom nog een extra laagje aangetrokken. Dat ik daardoor eigenlijk met bijna hetzelfde in bed lag als ik op de dag aan heb, ach, wie kijk daar nou naar, ik niet. Tegen de ochtend pas in slaap gevallen en het was daarom wel fijn om een uurtje te mogen uitslapen. Vandaag om 9 uur ontbijt, omdat de zon pas laat over de bergen komt. Na het ochtend ritueel van opfrissen en aankleden de tent uit. Oeps, dat valt tegen. Heel koud en veel wind. Eerst een ontbijtje en warm drinken om helemaal wakker te worden. Nog een restje rijstepap met krenten gegeten. Die krenten erin vond ik wel erg hoor, nog iets van vroeger toen ik het moest! eten. Toch eerst maar de lange thermobroek erbij aan getrokken. De hele lucht zat dicht en de eerste miezerige sneeuwvlokjes dwarrelden omlaag. Rechts de Gurgenuul zat in de wolken, links de Turkenuul. Ook in de wolken. Achter ons hetzelfde. De groep had toch wel naar deze dag uitgekeken, omdat dit het hoogtepunt van de wandeltocht zou zijn volgens Rik. Vandaag gaan we de pas over en het beloofd ook nog echt Mongools weer te worden. Dat is pas avontuur!!. Dit kamp was het hoogst gelegen kamp van de hele vakantie. Toch maar alle isolerende lagen over elkaar heen aangetrokken en mijn jas. Mijn wind-gevoelige oren verwende ik maar met mijn haarband, dunne muts, fleece muts en mijn capuchon. Koud had ik het niet meer.

Het bleek een barre tocht te worden. We hadden afgesproken steeds bij elkaar te blijven en op elkaar te wachten. Dat was wel nodig, want de voorsten waren soms nauwelijks te zien. Ook de karavaan bleef bij ons. Rik kon dan nog met de Mongolen overleggen over de route.



Eerst gingen we
stijgen tot 2975 m
in de snijdende kou
en sneeuwstorm

Er werd hier en daar wel wat kou geleden. Niet iedereen was op dit weer voorbereid. Maar het boek "Het Wilde Oosten" begint ook met sneeuw in september, dus we waren gewaarschuwd.
Ik had het zelf niet koud en heb genoten van dit weer. Wat een geluk dat ik zo iets mag meemaken. Het gaf me de hele dag een gevoel van opwinding. Heerlijk!!! Prachtig!!!Even, anders worden we te koud, gerust in de luwte van een rotsblok. Even tijd gehad om van sok te wisselen. Dacht een blaar te hebben, maar gelukkig niets gevonden. De paarden kwamen er ook aan. Na 10 min. aan de afdaling begonnen. Het was een forse afdaling. Maar in dit weer vond ik het magnefiek om mee te maken. De gletsjers hebben we niet meer gezien, maar we hebben er wel wat anders voor in de plaats gekregen. Deze dag zal ik niet snel vergeten.
Vervolgens liepen we over vlakker terrein tot onze volgende korte pauze. Nu mijn andere sok verwisseld want het moet wel symmetrisch blijven. Voor we verder gingen werd eerst de sneeuw van de rugzakken geschud. Bij sommigen werden hun broekspijpen erg nat, dus trokken zij hun regenbroek erbij aan. Met de wind erin leken ze net "Michelin poppetjes". Mijn broek nam weinig vocht op, dus niets niets extra's aangetrokken.
We zouden doorlopen tot een ger om te lunchen. Maar eerst moesten we nog vele stroompjes en moerassen over/door. Er was ook een brede rivier bij. Bij de eerste poging om over te steken, bleek dit zelfs voor onze Mongoolse begeleiders onmogelijk door de sterke stroming. Toch maar een andere plek uitgezocht. Ideaal was anders. Er moest behoorlijk gesprongen worden over flink stromende delen van de rivier. Het was diep genoeg om tot over je schoenrand nat te worden. Dat overkwam onze kok met 1 schoen en verder wel wat natte schoenen, maar niet met het water erin. Ik heb veel plezier van mijn stokken gehad bij het springen. Kon er lekker op leunen.

Ha, een ger in de verte. Wat duurt het nog lang voor we er zijn. Volgens Rik zijn we welkom. Eindelijk binnen in de ger, was het lekker warm. De kachel werd opgestookt. Je moet wel bukken bij binnenkomst, want de deur is laag. En met de klok mee om de kookpot lopen. Er waren zitplaatsen op het bed. Wel voorzichtig op het randje zitten, want het bed staat op klossen. De rest kon op een soort matras zitten of een laag krukje. Deze kennismaking was wederzijds spannend.. In de centrale kookpot werd water verwarmd. Even later ging er melk bij. Intussen werd van een blok theebladeren gehakt. Dit bevond zich in een stoffen zak. Een paar handjes thee erbij en wat boter. Even trekken en de thee werd in een grote ouderwetse metalen theepot gegoten. Hiermee werden kommetjes gevuld en kregen we thee. Sommigen in de groep waren geen melkdrinkers, ik ook niet, dus er werd wel tegenop gezien. Met kleine slokjes vond ik het wel te drinken. En je kom wordt weer gevuld. We kregen er een stuk kaas bij, zo zag het er tenminste uit. Rik vertelde dat het van wei wordt gemaakt. Het was erg hard en door geregeld een klein stukje te nemen was het wel weg te werken. Je kon de rest natuurlijk ook voorzichtig in je zak stoppen. Echt lekker was het niet, maar ik heb het opgegeten.
Er werd gestookt met gedroogde mest. Buiten wordt een grote jute zak gevuld met de mest en deze wordt in de ger bewaard. Naast de kachel staat een zinken teil met mest voor direkt gebruik.

Er werd veel informatie uitgewisseld. De man en vrouw met hun 3 oudste kinderen waren aanwezig. De 7 jongsten waren naar school in Ulaangom en komen alleen de vakanties naar huis. Soms ook wel voor een weekeind. Dan was de broer van de vrouw er. En een stel uit de stad. Zij kwamen om de marmotten te kopen die tegen de gerwand stonden opgestapeld. Naast de marmotten stonden geweren en een marmottenkop. Dit bleek een muts gemaakt van een marmottenkop te zijn. Wordt gebruikt bij het jagen. De jager zet de muts op, er komt een marmot op af en "pang" , dag marmot.
Mongolen worden niet zo oud. Met 60 jr ben je stokoud. Men was erg verbaasd over onze leeftijd. Vooral dat Yvonne al 60 is. Ik heb verteld dat mijn moeder 94 jr. is geworden. Dat is onvoorstelbaar. Een van de jongens heeft mijn wandelstokken bekeken. Vond dat maar vreemde dingen zo te zien. De nomaden zien ons als passanten die je gastvrij ontvangt. Zo gaat dat bij iedereen. Mensen uit de stad noemen ons toeristen en geven het een andere lading. Zij bekijken ons ook anders. Zal uiteindelijk wel als winstobject zijn. Ik hoop echter dat de nomaden bij hun opvatting blijven en daardoor hun gastvrijheid behouden.

In een grote zak aan de muur zit yakmelk om te karnen. Een deel werd eruit geschept en verwarmd en ging weer terug de zak in. Er wordt gekarnd, eruit geschept, enz. Uiteindelijk wordt het boter, die in een schapen darm wordt bewaard (zoals wij worst in een darm doen). We waren wat aan elkaar gewend geraakt en ik vroeg of ik foto's mocht nemen. Dat mocht. Eerst gingen de mannen erop. Ze vormden een groep voor het "altaar kastje" op de grond. Op de volgende foto durfden de vrouwen er ook bij te komen. Zij waren wat afwachtender. Er was wel hilariteit om de flitser.
Nomaden kinderen trouwen vanaf hun 20ste jaar en krijgen een ger als huwelijkskado.

Bij deze gastvrije nomaden zetten we onze tent op na de bergpas.

Rik besloot dat we hier zouden kamperen. Sneeuwen deed het niet meer. Goed warm geworden zijn we de tent gaan opzetten. Om 20 uur werden we in de ger verwacht voor de maaltijd. Het was ons vertrouwde potje groente met aardappelen en macaroni en spaghetti.
Als toetje het bekende schijfje ananas uit blik. Ook was er nog marmot van 's middags over. Was wel goed gaar. Smaakt wel. Na onze maaltijd werd de pan goed schoon gemaakt en ging de vrouw verder met de bereiding van ander voedsel. Het leek wel een continue bedrijf. Ditmaal werd er boter gesmolten met het dikke deel uit de karnzak. Wat er verder nog bij ging en wat het moest worden weet ik niet. Toen het donker werd ging er een kaars aan. Dit was een kostbaar bezit. We werden voor het ontbijt en het yak melken de volgende ochtend uitgenodigd.
Er werd nog geproefd van de zelfgemaakte wodka. Dat is natuurlijk het mannen deel van beleefdheden uitwisselen. Een nipje uit het kommetje. Ook de snuifflesjes werden aangeboden. Aannemen met de rechterhand en wat van het spul op je hand doen en vooral niet vergeten te doen of het heerlijk ruikt.
We gingen naar bed, na een vermoeiende dag.

zo 8-9 bij de nomaden en yak yak yak
Wakker worden na een avondlang in de ger, in een slaapzak die nat is van de condens , 7 graden Celsius. Beetje hoofdpijn, misselijk van de yaklucht, yakthee- en yakpap, yakpap. Ria ligt weer eens met haar hoofd naar beneden, altijd hetzelfde liedje. Denk aan Rik die de hele tijd introvert schapenvlees en marmottenvlees zat te eten en steeds weer zeurt dat liedje door mijn hoofd: wie wil er mijn marmotje zien, het is zo'n aardig beestje, hij kan dansen hij kan springen, hij kan mooie liedjes zingen ! O, o professor Cliteur ( ik ben altijd bang dat ik "clitoris " zeg) zou het eens moeten zien, ik zie hem al zitten met het manifest ten faveure der dieren.
De door wolven aangevallen yak die gister nog wat verdwaasd om zich heen zat te kijken, ligt nu eenzaam stil uitgestrekt op de koude steppe: geweest, jongen, het is geweest. Hoop dat je tot nut der nomaden hebt geleefd want voor jezelf hoefde het niet.
We ontbijten om 8.30 in de ger waar de radio aanstaat, een oud communistische gewoonte om de hersens van de mensen relevante boodschappen in te prenten, ook als je een boek leest of op het toilet zit. Mensen zijn gehecht aan het altijd aanwezige, het hen omringende zoals een gemiddelde moeder dat is voor haar kind. Het uitzetten van de radio kan best een gevoel van plotselinge verlatenheid bewerkstelligen, dacht ik zo..
Alleen de vrouwen zijn er, de mannen zijn te paard, geweren om de schouders, op jacht naar marmotten.We zullen hen niet meer zien omdat zij pas vlak voor de lunch terug zullen zijn. Yakpap en thee, het gaat wel weer, even doorzetten… Lopen door de snijdende wind, eventjes hurken op de steppe, achter een hoopje steen. Onze trouwe zwerfhonden kijken geïnteresseerd toe….sorry jongens….

Tijdens het ontbijt overleg wat we zullen doen: teruglopen naar de gletsjer die we gisteren vanwege de sneeuw niet hebben kunnen waarnemen, of rustig aan doorlopen, we kiezen voor het laatste, de gletsjer is vanaf deze afstand glorieus waar te nemen, Renske heeft niet geslapen, Hennie heeft het steenkoud, rustig aan vertrekken, doorlopen a.u.b. niet terug ! Ik schrijf het op om het later weer te kunnen reproduceren in dit verslag, maar de namen verdwijnen uit mijn geest net zo snel als dat zij er in werden voorgesteld. Gelukkig worden er foto's gemaakt.




Bahçuk en Janjuk Dorje
de nomaden die ons begeleidden.


Op de paarden gingen we zo nodig de rivieren over en de kamelen droegen onze bagage.


Voorlopig even lekker warm blijven bij het kacheltje wat door de vrouw des huizes (50) Tu Shung ( vadersnaam) Tudumdjau (voornaam) brandende wordt gehouden met gedroogde yakuitwerpselen. Met behulp van Toeksa krijgen we verdere informatie: Haar echtgenoot heet Bildiker, de dochter :Ortnasseng(21), zoon Bathsisjek(20) en Ortoengo (19). Er zijn nog 7 kinderen die in Ullaangom bij familie wonen om daar naar school te kunnen gaan. In de vacanties zijn ze thuis, de school is net weer begonnen.

De plek waar we nu zijn heet Tsaraansadaa.
We vertrekken tegen half 12, de wind is een beetje gaan liggen, het is nu mooi helder en koud. Ik maak nog een foto van Tudumdjau die de yaks aan het melken is, van onze kameeldrijvers en de uitgestrekte yak. Dan lopen we door steenachtig gebied, met trillende knieën twee rivieren over, ik ben bang dat ik er weer inlazer, van Annemarie krijg ik haar stok te leen, even loop ik met haar als een kindje aan de hand van moeder, maar het gaat. De laatste rivier steken we te paard over, een geweldig gezicht: Toeksa haalt toch nog een paar natte pijpen, Rik kijkt gespannen als zijn paard midden in het water lijkt te struikelen, maar alles gaat goed. Veel stenen, licht stijgen en dalen, een jonge marmottenjager met zwarte muts en blauwe del sluit zich even aan bij onze kameeldrijvers, ik maak er een foto van.
Onderweg is er veel discussie, ik hoor flarden: Wim Kok, de Paarse coalitie, Palestijnen en Israëliers, subsidies bij beginnende ondernemers, Yvonne doet mee, Ria, Annemarie en Hennie: op afstand zie je de zaken scherper of is het vanuit een beginnend gevoel van heimwee ?

Lunchen om 13.00 uur

Nog steeds een straffe wind, soms bewolkt, koud, dan weer plotseling de zon waardoor het een moment , O, Hennie, goddelijk warm is….
Op een rijtje liggen we naast elkaar, bij een riviertje, het gaat nu over eten, Yvonne vertelt het ene vegetarische recept na het andere, het zit er dik in dat naarmate de dagen vorderen het aantal recepten zullen toenemen, als het maar niet met marmottenvlees is. Er gieren golven van misselijkheid door mijn maag als ik daar aan denk. Alweer een bewijs van de onverbrekelijke band tussen lichaam en ziel.
Na een uurtje verder lopen, het gaat heerlijk: snel, er zijn prachtige uitzichten in terra, donkerrood, diep paars, mauve, licht- en helderblauw, het zilverachtig geschitter van het rivierwater, okergeel, donkerblauwe stenen met witte streepjes, halootjes rond de kameelbulten, de sfeer is goed, er wordt veel gebabbeld, opgelucht lijkt iedereen na de snerpende kou, de wind gaat liggen, steekt weer op, koude, warmte, koude, kleren aan, kleren uit, mutsen op mutsen af…..
Pauze om 16.00 uur: dubbele zoute drop, Haagsche Hopjes. We kijken wederom naast elkaar naar een groep yaks tegenover ons op een schuin naar boven lopende bergwand. Er is een moment waarop al die beestjes lijken stil te staan, zo'n ondeelbaar moment.. Helga pakt haar telelens en "neemt een Yakje" ( voor de verandering) we zien twee kikkerdieven (roofvogels) . Renske, Hennie en Rik slapen, zoals zij nu ligt, zo kan zij zich niet ontspannen zegt Ria. Goed zo hoor, ontspanning is voor de dwazen…..

We gaan weer door nadat iedereen weer is gemobiliseerd, opnieuw een rivier over met trillende knieën, gelukkig vangt Rik ons op met uitgestrekte hand.
We komen nu bij de tweede ( en derde) ger: een grootvader- en moeder, kinderen en kleinkinderen: een geestelijk gehandicapt zoontje wat zich zeer aanhankelijk naar de ouderen toont en plezier beleeft aan het open en dichtzwaaien van de gerdeur. Later gooit hij een soort koektrommel om waarop hij bestraffend wordt toegesproken, aandachtig en stil kijkt hij naar het gezicht van de moeder, buigt zich dan naar voren naar haar gezicht. Hij krijgt een aai en een zoen en nog eentje. Goed gemaakt. Als vanzelfsprekend worden de dingen gedaan zonder stress, zonder schaamte, zonder aanstellerij. Rustig bekijken ze ons en doen wat er gedaan moet worden. Een ander kind krijgt de borst, en doet later een plasje op het onbedekte gedeelte van de gervloer. Wij allen zijn getuige . We eten lekkere gefrituurde deegkroketjes, vrij neutrale yakthee wat goed en licht smaakt , ook aaruul : harde kaasachtige stukjes, witgeel van kleur. Je hebt daarna geen tand meer in je bek staan. Er is een baby van 8 maanden, huilt als hij al die vreemde mensen ziet, later niet meer.

Rik vertelt dat de nomandenkinderen over het algemeen rustige aardige kinderen zijn en praktisch nooit huilen. Natuurlijk huilen ze niet: altijd mensen in de buurt, geen scheiding tussen privé en publiek, met z'n allen slapen, eten, lachen, zingen, altijd voorspelbaar met voor ieder een duidelijke taakverdeling, geen uit huiswerkende moeders, geen vreemde oppassen, gewoon op de grond mogen plassen, alles spreekt vanzelf. Je komt met z'n allen, je gaat met z'n allen, je reist samen, zelfs met de dieren. Je word geaaid, je wordt geknuffeld. Daarom is er geen oorlog zegt Yvonne waarop Renske verhit reageert op zo'n-kort- door- de bochtredenering. Maar waarover zou je moeten ruziën ? Misschien als er geen eten is, bij liefdeszaken ? En altijd is er die ruimte, die stilte, de zuivere lucht.


Moeten we uiteindelijk niet worden wat we
zijn?
Als vanzelfsprekend jezelf zijn?

Zoals deze nomaden?


Een organisch geheel.
De wereld is eenvoudig, helder, voorspelbaar,
veilig.
Waarom zou je dan huilen?

We zetten de tenten op, lekker schone onderbroek aan, handen wassen, gezicht opgemaakt, wat een vreugde geven die kleine gewone dingen. In de tent praten met Ria over doelen in het leven: wat wil je nog, wat moet er veranderen: in je omgeving, bij jezelf ? Om 21.00 uur vertrekken we weer naar de ger om te gaan eten: Rijst met paprika en komkommer, thee of koffie/ yakthee. Toeksa heeft het diner bereid. Het is heerlijk.
Zeker 20 mensen verzamelen zich nu in de ger: de Tibetaans uitziende grootvader met een zeer grote gouden tand ( waar kun je die krijgen in Mongolié ?) en een zeer donker uiterlijk, een zoon, een blinde dochter met een baby, en verder neven, en andere familieleden. Na enige aarzeling, verlegen, zingt de dochter liederen bij accordeon en gitaar. Ballades lijken het, over de moeder; een vogel die weg vliegt vanwege de winter en dan zijn vaderland mist; over het meer, het gebied waarin zij wonen ( de provincie Uvs, ongeveer zo groot als Nederland), een prachtig wiegelied , ook de mannen zingen, op ons verzoek, het klinkt teer, vol heimwee .
Er wordt ons gevraagd eveneens te zingen: hoe grof , bot en zielloos klinken onze stemmen….. maar misschien ligt het ook aan daar was laatst een meisje loos die wou gaan varen die wou gaan varen…..Hun liederen zijn gedichten…zij zingen poëzie..wij hebben zulke domme liedjes…..geen liederen…maar liedjes….het kan ook niet anders : ons kneuterige Nederland.

Zo zingen we tot 22.30 uur. Eén van onze kameeldrijvers raakt nu een beetje aangeschoten door de steeds rondgegeven wodka, hij verheft zijn stem en staart Toeksa voortdurend aan, houdt een betoog. Andere ergeren zich aan zijn gedrag, Toeksa haalt de schouders op, vertaalt niet, hij heeft teveel gedronken zegt ze laconiek. Rond 23.00 uur naar bed, zo laat is het nog niet geworden tot nu toe !
Koplampjes op, een steile berg af in het duister, voorzichtigjes maar, je kan een lelijke schuiver maken. Plassen in de wind . Zo vreemd: muts op, dikke jas, handschoenen en dan met je blote in de wind…
We liggen in de tent en horen één van de kameeldrijvers huilen en roepen…
Ze hebben gevochten, elkaar geslagen, horen we de volgende dag. Drank. En drank ontremt gevoelens, gedrag. We weten niet welke gevoelens, nee, dat weten we niet . .

Het effect van de vele wodka gisteravond is merkbaar. Het opbreken en oppakken van de kamelen gaat langzaam. We wachten er maar niet op en gaan vast op weg.
Vandaag een mooie wandeling langs de rivier. Hier en daar wat geklauter over stenen, af en toe een teen in het water. Prachtige uitzichten. Op de hellingen hier en daar een paar bomen.

ma 9-9 langs de rivier

Ontbijt om 9.00 uur in de ger. Het begint al routine te worden. We stappen naar binnen alsof we er thuis horen en zoeken een plaatsje. Het ontbijt bestaat vandaag uit muesli met 'jakyoghurt'. En gelukkig gewone thee erbij. Voor de echte liefhebbers is er Mongoolse thee.
De kamelen nemen een ander pad bovenlangs en passeren ons later in de ochtend hoog op de heuvel. Het duurt een tijd eer onze wegen elkaar weer kruisen.Het wordt een late lunch. Het waait hard; iedereen zoekt een beetje beschutting achter omgehakte bomen of bagage en wacht op de soep. Champignonsoep vandaag
Na de lunch lopen we verder en is het tijd voor de grote oversteek. Het water in de rivier is hoog en de stenen zijn erg glad. Sommigen wagen het erop en steken op blote voeten of sandalen de rivier over. De rest gaat te paard.
Na nog een paar uurtjes lopen en genieten van het uitzicht, vinden we een kampeerplek. Het waait behoorlijk, maar het uitzicht maakt veel goed. En dan is het weer tijd om te eten en daarna snel naar bed.

di 10-9 laatste dag in de bergen; we zien een karavaan en cowboys

Dit werd de laatste dag van onze trekking en gingen wij van 1700 naar 1300 meter.
Rik en Tuksan hadden zich verslapen, dus eerst het kamp opbreken, inpakken en daarna pas ontbijt.
Het was zonnig weer met een frisse wind.
Iedereen begint zich inmiddels te verheugen op ons "hotel met douche", nog even geduld.
Na een ontbijt van warme rijstepap met rozijnen of muesli met thee vertrokken wij om 10 uur voor onze laatste trekking. Het terrein was niet al te moeilijk en onderweg zagen wij nog een grote steencirkel met n/o/z/w-assen, waarvan niemand weet wat de betekenis was. De wandeling ging verder over een makkelijk begaanbaar pad. Om 12.30 een stop, voor de verzorging van blaren en de lunch. Na de lunch verder langs en over kleine riviertjes met de wetenschap dat wij aan het einde van de wandeling nog 3 bredere rivieren over moeten, met paarden of te voet op sandalen. Met uitzondering van Ans, die vrouwmoedig door het diepe water waadde, is iedereen op een paard naar de overkant gegaan.
Achter ons zagen wij een kudde paarden aankomen van de gers die wij bezocht hadden en daarna kwam de hele karavaan er aan. Dat was een schitterend gezicht, ca. 16 kamelen met de gehele inventaris van de gers, daarvoor dus de paarden. Achter de kamelen de yaks en daarachter de schapen en geiten. Dit alles begeleid door "cowboys". Het was een hele optocht en een bezienswaardigheid.
Om half 5 kwamen we bij ons eindpunt, Tarialan. Daar stonden 3 gers van Turken, geen Mongolen. Eén ger bezocht, kregen uiteraard weer heerlijke yakthee, waarvoor de kommetjes van alle buren geleend werden.
Toen ik even tijd had om in mijn dagboekje te schrijven stonden alle kindertjes uit de gers om mij heen om te kijken wat ik aan het doen was. Ik heb ze toen op een papiertje laten schrijven. Eén jochie kon alleen de A schrijven en was daar zo trots op, iedere keer weer kwam hij terug om een A te schrijven..
Daarna was het tijd om afscheid te nemen van onze 2 Mongoolse mannen die voor de kudde hebben gezorgd. We kregen van hen een rondje wodka.
Toen met jeeps op pad naar onze allereerste kampeerplaats bij Ulaangom. Maar eerst gingen we naar een restaurant om te eten. Wat een luxe, stoelen om op te zitten en een tafel èn een biertje bij het eten. Na afloop koffie met bonbons.
Aangekomen op onze kampeerplaats geprobeerd een kampeervuurtje te maken dat ondanks heftig gewapper van Ria niet echt levensvatbaar was. Heerlijk zacht weer en heerlijk geslapen in de wetenschap dat me morgenavond in een echt bed slapen.