za 7-9 barre tocht over bergpas van 2975 meter!
Het is behoorlijk koud en winderig geweest vannacht. Daarom nog
een extra laagje aangetrokken. Dat ik daardoor eigenlijk met bijna
hetzelfde in bed lag als ik op de dag aan heb, ach, wie kijk daar
nou naar, ik niet. Tegen de ochtend pas in slaap gevallen en het
was daarom wel fijn om een uurtje te mogen uitslapen. Vandaag om
9 uur ontbijt, omdat de zon pas laat over de bergen komt. Na het
ochtend ritueel van opfrissen en aankleden de tent uit. Oeps, dat
valt tegen. Heel koud en veel wind. Eerst een ontbijtje en warm
drinken om helemaal wakker te worden. Nog een restje rijstepap met
krenten gegeten. Die krenten erin vond ik wel erg hoor, nog iets
van vroeger toen ik het moest! eten. Toch eerst maar de lange thermobroek
erbij aan getrokken. De hele lucht zat dicht en de eerste miezerige
sneeuwvlokjes dwarrelden omlaag. Rechts de Gurgenuul zat in de wolken,
links de Turkenuul. Ook in de wolken. Achter ons hetzelfde. De groep
had toch wel naar deze dag uitgekeken, omdat dit het hoogtepunt
van de wandeltocht zou zijn volgens Rik. Vandaag gaan we de pas
over en het beloofd ook nog echt Mongools weer te worden. Dat is
pas avontuur!!. Dit kamp was het hoogst gelegen kamp van de hele
vakantie. Toch maar alle isolerende lagen over elkaar heen aangetrokken
en mijn jas. Mijn wind-gevoelige oren verwende ik maar met mijn
haarband, dunne muts, fleece muts en mijn capuchon. Koud had ik
het niet meer.
Het bleek een barre tocht te worden. We hadden afgesproken steeds
bij elkaar te blijven en op elkaar te wachten. Dat was wel nodig,
want de voorsten waren soms nauwelijks te zien. Ook de karavaan
bleef bij ons. Rik kon dan nog met de Mongolen overleggen over de
route.

|
Eerst
gingen we
stijgen tot 2975 m
in de snijdende kou
en
sneeuwstorm
|
Er
werd hier en daar wel wat kou geleden. Niet iedereen was op dit
weer voorbereid. Maar het boek "Het Wilde Oosten" begint
ook met sneeuw in september, dus we waren gewaarschuwd.
Ik had het zelf niet koud en heb genoten van dit weer. Wat een geluk dat ik zo
iets mag meemaken. Het gaf me de hele dag een gevoel van opwinding. Heerlijk!!!
Prachtig!!!Even,
anders worden we te koud, gerust in de luwte van een rotsblok. Even
tijd gehad om van sok te wisselen. Dacht een blaar te hebben, maar
gelukkig niets gevonden. De paarden kwamen er ook aan. Na 10 min.
aan de afdaling begonnen. Het was een forse afdaling. Maar in dit
weer vond ik het magnefiek om mee te maken. De gletsjers hebben
we niet meer gezien, maar we hebben er wel wat anders voor in de
plaats gekregen. Deze dag zal ik niet snel vergeten.
Vervolgens liepen we over vlakker terrein tot onze volgende korte
pauze. Nu mijn andere sok verwisseld want het moet wel symmetrisch
blijven. Voor we verder gingen werd eerst de sneeuw van de rugzakken
geschud. Bij sommigen werden hun broekspijpen erg nat, dus trokken
zij hun regenbroek erbij aan. Met de wind erin leken ze net "Michelin
poppetjes". Mijn broek nam weinig vocht op, dus niets niets
extra's aangetrokken.
We zouden doorlopen tot een ger om te lunchen. Maar eerst moesten
we nog vele stroompjes en moerassen over/door. Er was ook een brede
rivier bij. Bij de eerste poging om over te steken, bleek dit zelfs
voor onze Mongoolse begeleiders onmogelijk door de sterke stroming.
Toch maar een andere plek uitgezocht. Ideaal was anders. Er moest
behoorlijk gesprongen worden over flink stromende delen van de rivier.
Het was diep genoeg om tot over je schoenrand nat te worden. Dat
overkwam onze kok met 1 schoen en verder wel wat natte schoenen,
maar niet met het water erin. Ik heb veel plezier van mijn stokken
gehad bij het springen. Kon er lekker op leunen.
Ha, een ger in de verte. Wat duurt het nog lang voor we er zijn.
Volgens Rik zijn we welkom. Eindelijk binnen in de ger, was het
lekker warm. De kachel werd opgestookt. Je moet wel bukken bij binnenkomst,
want de deur is laag. En met de klok mee om de kookpot lopen. Er
waren zitplaatsen op het bed. Wel voorzichtig op het randje zitten,
want het bed staat op klossen. De rest kon op een soort matras zitten
of een laag krukje. Deze kennismaking was wederzijds spannend..
In de centrale kookpot werd water verwarmd. Even later ging er melk
bij. Intussen werd van een blok theebladeren gehakt. Dit bevond
zich in een stoffen zak. Een paar handjes thee erbij en wat boter.
Even trekken en de thee werd in een grote ouderwetse metalen theepot
gegoten. Hiermee werden kommetjes gevuld en kregen we thee. Sommigen
in de groep waren geen melkdrinkers, ik ook niet, dus er werd wel
tegenop gezien. Met kleine slokjes vond ik het wel te drinken. En
je kom wordt weer gevuld. We kregen er een stuk kaas bij, zo zag
het er tenminste uit. Rik vertelde dat het van wei wordt gemaakt.
Het was erg hard en door geregeld een klein stukje te nemen was
het wel weg te werken. Je kon de rest natuurlijk ook voorzichtig
in je zak stoppen. Echt lekker was het niet, maar ik heb het opgegeten.
Er werd gestookt met gedroogde mest. Buiten wordt een grote jute
zak gevuld met de mest en deze wordt in de ger bewaard. Naast de
kachel staat een zinken teil met mest voor direkt gebruik.
Er werd veel informatie uitgewisseld. De man en vrouw met hun 3
oudste kinderen waren aanwezig. De 7 jongsten waren naar school
in Ulaangom en komen alleen de vakanties naar huis. Soms ook wel
voor een weekeind. Dan was de broer van de vrouw er. En een stel
uit de stad. Zij kwamen om de marmotten te kopen die tegen de gerwand
stonden opgestapeld. Naast de marmotten stonden geweren en een marmottenkop.
Dit bleek een muts gemaakt van een marmottenkop te zijn. Wordt gebruikt
bij het jagen. De jager zet de muts op, er komt een marmot op af
en "pang" , dag marmot.
Mongolen worden niet zo oud. Met 60 jr ben je stokoud. Men was erg
verbaasd over onze leeftijd. Vooral dat Yvonne al 60 is. Ik heb
verteld dat mijn moeder 94 jr. is geworden. Dat is onvoorstelbaar.
Een van de jongens heeft mijn wandelstokken bekeken. Vond dat maar
vreemde dingen zo te zien. De nomaden zien ons als passanten die
je gastvrij ontvangt. Zo gaat dat bij iedereen. Mensen uit de stad
noemen ons toeristen en geven het een andere lading. Zij bekijken
ons ook anders. Zal uiteindelijk wel als winstobject zijn. Ik hoop
echter dat de nomaden bij hun opvatting blijven en daardoor hun
gastvrijheid behouden.
In een grote zak aan de muur zit yakmelk om te karnen. Een deel
werd eruit geschept en verwarmd en ging weer terug de zak in. Er
wordt gekarnd, eruit geschept, enz. Uiteindelijk wordt het boter,
die in een schapen darm wordt bewaard (zoals wij worst in een darm
doen). We waren wat aan elkaar gewend geraakt en ik vroeg of ik
foto's mocht nemen. Dat mocht. Eerst gingen de mannen erop. Ze vormden
een groep voor het "altaar kastje" op de grond. Op de
volgende foto durfden de vrouwen er ook bij te komen. Zij waren
wat afwachtender. Er was wel hilariteit om de flitser.
Nomaden kinderen trouwen vanaf hun 20ste jaar en krijgen een ger
als huwelijkskado.
Bij
deze gastvrije nomaden zetten we onze tent op na de bergpas.
Rik
besloot dat we hier zouden kamperen. Sneeuwen deed het niet meer.
Goed warm geworden zijn we de tent gaan opzetten. Om 20 uur werden
we in de ger verwacht voor de maaltijd. Het was ons vertrouwde potje
groente met aardappelen en macaroni en spaghetti.
Als toetje het bekende schijfje ananas uit blik. Ook was er nog
marmot van 's middags over. Was wel goed gaar. Smaakt wel. Na onze
maaltijd werd de pan goed schoon gemaakt en ging de vrouw verder
met de bereiding van ander voedsel. Het leek wel een continue bedrijf.
Ditmaal werd er boter gesmolten met het dikke deel uit de karnzak.
Wat er verder nog bij ging en wat het moest worden weet ik niet.
Toen het donker werd ging er een kaars aan. Dit was een kostbaar
bezit. We werden voor het ontbijt en het yak melken de volgende
ochtend uitgenodigd.
Er werd nog geproefd van de zelfgemaakte wodka. Dat is natuurlijk
het mannen deel van beleefdheden uitwisselen. Een nipje uit het
kommetje. Ook de snuifflesjes werden aangeboden. Aannemen met de
rechterhand en wat van het spul op je hand doen en vooral niet vergeten
te doen of het heerlijk ruikt.
We gingen naar bed, na een vermoeiende dag.
zo
8-9 bij de nomaden en yak yak yak
Wakker worden na een avondlang in de ger, in een slaapzak die nat
is van de condens , 7 graden Celsius. Beetje hoofdpijn, misselijk
van de yaklucht, yakthee- en yakpap, yakpap. Ria ligt weer eens
met haar hoofd naar beneden, altijd hetzelfde liedje. Denk aan Rik
die de hele tijd introvert schapenvlees en marmottenvlees zat te
eten en steeds weer zeurt dat liedje door mijn hoofd: wie wil er
mijn marmotje zien, het is zo'n aardig beestje, hij kan dansen hij
kan springen, hij kan mooie liedjes zingen ! O, o professor Cliteur
( ik ben altijd bang dat ik "clitoris " zeg) zou het eens
moeten zien, ik zie hem al zitten met het manifest ten faveure der
dieren.
De door wolven aangevallen yak die gister nog wat verdwaasd om zich
heen zat te kijken, ligt nu eenzaam stil uitgestrekt op de koude
steppe: geweest, jongen, het is geweest. Hoop dat je tot nut der
nomaden hebt geleefd want voor jezelf hoefde het niet.
We ontbijten om 8.30 in de ger waar de radio aanstaat, een oud communistische
gewoonte om de hersens van de mensen relevante boodschappen in te
prenten, ook als je een boek leest of op het toilet zit. Mensen
zijn gehecht aan het altijd aanwezige, het hen omringende zoals
een gemiddelde moeder dat is voor haar kind. Het uitzetten van de
radio kan best een gevoel van plotselinge verlatenheid bewerkstelligen,
dacht ik zo..
Alleen de vrouwen zijn er, de mannen zijn te paard, geweren om de
schouders, op jacht naar marmotten.We zullen hen niet meer zien
omdat zij pas vlak voor de lunch terug zullen zijn. Yakpap en thee,
het gaat wel weer, even doorzetten… Lopen door de snijdende
wind, eventjes hurken op de steppe, achter een hoopje steen. Onze
trouwe zwerfhonden kijken geïnteresseerd toe….sorry jongens….
Tijdens het ontbijt overleg wat we zullen doen: teruglopen naar
de gletsjer die we gisteren vanwege de sneeuw niet hebben kunnen
waarnemen, of rustig aan doorlopen, we kiezen voor het laatste,
de gletsjer is vanaf deze afstand glorieus waar te nemen, Renske
heeft niet geslapen, Hennie heeft het steenkoud, rustig aan vertrekken,
doorlopen a.u.b. niet terug ! Ik schrijf het op om het later weer
te kunnen reproduceren in dit verslag, maar de namen verdwijnen
uit mijn geest net zo snel als dat zij er in werden voorgesteld.
Gelukkig worden er foto's gemaakt.
 |
Bahçuk en Janjuk Dorje
de nomaden die ons begeleidden.
Op de paarden gingen we zo nodig de rivieren over en de
kamelen droegen onze bagage.
|
Voorlopig
even lekker warm blijven bij het kacheltje wat door de
vrouw des huizes (50) Tu Shung ( vadersnaam) Tudumdjau (voornaam)
brandende wordt gehouden met gedroogde yakuitwerpselen. Met behulp
van Toeksa krijgen we verdere informatie: Haar echtgenoot heet Bildiker,
de dochter :Ortnasseng(21), zoon Bathsisjek(20) en Ortoengo (19).
Er zijn nog 7 kinderen die in Ullaangom bij familie wonen om daar
naar school te kunnen gaan. In de vacanties zijn ze thuis, de school
is net weer begonnen.
De plek waar we nu zijn heet Tsaraansadaa.
We vertrekken tegen half 12, de wind is een beetje gaan liggen,
het is nu mooi helder en koud. Ik maak nog een foto van Tudumdjau
die de yaks aan het melken is, van onze kameeldrijvers en de uitgestrekte
yak. Dan lopen we door steenachtig gebied, met trillende knieën
twee rivieren over, ik ben bang dat ik er weer inlazer, van Annemarie
krijg ik haar stok te leen, even loop ik met haar als een kindje
aan de hand van moeder, maar het gaat. De laatste rivier steken
we te paard over, een geweldig gezicht: Toeksa haalt toch nog een
paar natte pijpen, Rik kijkt gespannen als zijn paard midden in
het water lijkt te struikelen, maar alles gaat goed. Veel stenen,
licht stijgen en dalen, een jonge marmottenjager met zwarte muts
en blauwe del sluit zich even aan bij onze kameeldrijvers, ik maak
er een foto van.
Onderweg is er veel discussie, ik hoor flarden: Wim Kok, de Paarse
coalitie, Palestijnen en Israëliers, subsidies bij beginnende
ondernemers, Yvonne doet mee, Ria, Annemarie en Hennie: op afstand
zie je de zaken scherper of is het vanuit een beginnend gevoel van
heimwee ?
Lunchen om 13.00 uur
Nog steeds een straffe wind, soms bewolkt, koud, dan weer plotseling
de zon waardoor het een moment , O, Hennie, goddelijk warm is….
Op een rijtje liggen we naast elkaar, bij een riviertje, het gaat
nu over eten, Yvonne vertelt het ene vegetarische recept na het
andere, het zit er dik in dat naarmate de dagen vorderen het aantal
recepten zullen toenemen, als het maar niet met marmottenvlees is.
Er gieren golven van misselijkheid door mijn maag als ik daar aan
denk. Alweer een bewijs van de onverbrekelijke band tussen lichaam
en ziel.
Na een uurtje verder lopen, het gaat heerlijk: snel, er zijn prachtige
uitzichten in terra, donkerrood, diep paars, mauve, licht- en helderblauw,
het zilverachtig geschitter van het rivierwater, okergeel, donkerblauwe
stenen met witte streepjes, halootjes rond de kameelbulten, de sfeer
is goed, er wordt veel gebabbeld, opgelucht lijkt iedereen na de
snerpende kou, de wind gaat liggen, steekt weer op, koude, warmte,
koude, kleren aan, kleren uit, mutsen op mutsen af…..
Pauze om 16.00 uur: dubbele zoute drop, Haagsche Hopjes. We kijken
wederom naast elkaar naar een groep yaks tegenover ons op een schuin
naar boven lopende bergwand. Er is een moment waarop al die beestjes
lijken stil te staan, zo'n ondeelbaar moment.. Helga pakt haar telelens
en "neemt een Yakje" ( voor de verandering) we zien twee
kikkerdieven (roofvogels) . Renske, Hennie en Rik slapen, zoals
zij nu ligt, zo kan zij zich niet ontspannen zegt Ria. Goed zo hoor,
ontspanning is voor de dwazen…..
We
gaan weer door nadat iedereen weer is gemobiliseerd, opnieuw een
rivier over met trillende knieën, gelukkig vangt Rik ons op
met uitgestrekte hand.
We komen nu bij de tweede ( en derde) ger: een grootvader- en moeder,
kinderen en kleinkinderen: een geestelijk gehandicapt zoontje wat
zich zeer aanhankelijk naar de ouderen toont en plezier beleeft
aan het open en dichtzwaaien van de gerdeur. Later gooit hij een
soort koektrommel om waarop hij bestraffend wordt toegesproken,
aandachtig en stil kijkt hij naar het gezicht van de moeder, buigt
zich dan naar voren naar haar gezicht. Hij krijgt een aai en een
zoen en nog eentje. Goed gemaakt. Als vanzelfsprekend worden de
dingen gedaan zonder stress, zonder schaamte, zonder aanstellerij.
Rustig bekijken ze ons en doen wat er gedaan moet worden. Een ander
kind krijgt de borst, en doet later een plasje op het onbedekte
gedeelte van de gervloer. Wij allen zijn getuige . We eten lekkere
gefrituurde deegkroketjes, vrij neutrale yakthee wat goed en licht
smaakt , ook aaruul : harde kaasachtige stukjes, witgeel van kleur.
Je hebt daarna geen tand meer in je bek staan. Er is een baby van
8 maanden, huilt als hij al die vreemde mensen ziet, later niet
meer.
Rik vertelt dat de nomandenkinderen over het algemeen rustige aardige
kinderen zijn en praktisch nooit huilen. Natuurlijk huilen ze niet:
altijd mensen in de buurt, geen scheiding tussen privé en
publiek, met z'n allen slapen, eten, lachen, zingen, altijd voorspelbaar
met voor ieder een duidelijke taakverdeling, geen uit huiswerkende
moeders, geen vreemde oppassen, gewoon op de grond mogen plassen,
alles spreekt vanzelf. Je komt met z'n allen, je gaat met z'n allen,
je reist samen, zelfs met de dieren. Je word geaaid, je wordt geknuffeld.
Daarom is er geen oorlog zegt Yvonne waarop Renske verhit reageert
op zo'n-kort- door- de bochtredenering. Maar waarover zou je moeten
ruziën ? Misschien als er geen eten is, bij liefdeszaken ?
En altijd is er die ruimte, die stilte, de zuivere lucht.
Moeten
we uiteindelijk niet worden wat we
zijn?
Als vanzelfsprekend
jezelf zijn?
Zoals deze nomaden?
Een
organisch geheel.
De wereld is eenvoudig, helder, voorspelbaar,
veilig.
Waarom zou je dan
huilen?
|
 |
We zetten de tenten op, lekker schone onderbroek aan, handen wassen, gezicht
opgemaakt, wat een vreugde geven die kleine gewone dingen. In de tent praten
met Ria over doelen in het leven: wat wil je nog, wat moet er veranderen: in
je omgeving, bij jezelf ? Om
21.00 uur vertrekken we weer naar de ger om te gaan eten: Rijst
met paprika en komkommer, thee of koffie/ yakthee. Toeksa heeft
het diner bereid. Het is heerlijk.
Zeker 20 mensen verzamelen zich nu in de ger: de Tibetaans uitziende
grootvader met een zeer grote gouden tand ( waar kun je die krijgen
in Mongolié ?) en een zeer donker uiterlijk, een zoon, een
blinde dochter met een baby, en verder neven, en andere familieleden.
Na enige aarzeling, verlegen, zingt de dochter liederen bij accordeon
en gitaar. Ballades lijken het, over de moeder; een vogel die weg
vliegt vanwege de winter en dan zijn vaderland mist; over het meer,
het gebied waarin zij wonen ( de provincie Uvs, ongeveer zo groot
als Nederland), een prachtig wiegelied , ook de mannen zingen, op
ons verzoek, het klinkt teer, vol heimwee .
Er wordt ons gevraagd eveneens te zingen: hoe grof , bot en zielloos
klinken onze stemmen….. maar misschien ligt het ook aan daar
was laatst een meisje loos die wou gaan varen die wou gaan varen…..Hun
liederen zijn gedichten…zij zingen poëzie..wij hebben
zulke domme liedjes…..geen liederen…maar liedjes….het
kan ook niet anders : ons kneuterige Nederland.
Zo
zingen we tot 22.30 uur. Eén van onze kameeldrijvers raakt
nu een beetje aangeschoten door de steeds rondgegeven wodka, hij
verheft zijn stem en staart Toeksa voortdurend aan, houdt een betoog.
Andere ergeren zich aan zijn gedrag, Toeksa haalt de schouders op,
vertaalt niet, hij heeft teveel gedronken zegt ze laconiek. Rond
23.00 uur naar bed, zo laat is het nog niet geworden tot nu toe
!
Koplampjes op, een steile berg af in het duister, voorzichtigjes
maar, je kan een lelijke schuiver maken. Plassen in de wind . Zo
vreemd: muts op, dikke jas, handschoenen en dan met je blote in
de wind…
We liggen in de tent en horen één van de kameeldrijvers
huilen en roepen…
Ze hebben gevochten, elkaar geslagen, horen we de volgende dag.
Drank. En drank ontremt gevoelens, gedrag. We weten niet welke
gevoelens, nee, dat weten we niet . .
Het effect van de vele wodka gisteravond is merkbaar. Het opbreken
en oppakken van de kamelen gaat langzaam. We wachten er maar
niet op en gaan vast op weg.
Vandaag een mooie wandeling langs de rivier. Hier en daar wat geklauter
over stenen, af en toe een teen in het water. Prachtige uitzichten.
Op de hellingen hier en daar een paar bomen.
ma 9-9 langs
de rivier
Ontbijt
om 9.00 uur in de ger. Het begint al routine te worden. We stappen
naar binnen alsof we er thuis horen en zoeken een plaatsje. Het ontbijt
bestaat vandaag uit muesli met 'jakyoghurt'. En gelukkig gewone thee
erbij. Voor de echte liefhebbers is er Mongoolse thee.
De kamelen nemen een ander pad bovenlangs en passeren ons later in de ochtend
hoog op de heuvel. Het duurt een tijd eer onze wegen elkaar weer kruisen.Het
wordt een late lunch. Het waait hard; iedereen zoekt een beetje beschutting achter
omgehakte bomen of bagage en wacht op de soep. Champignonsoep vandaag
Na de lunch lopen we verder en is het tijd voor de grote oversteek.
Het water in de rivier is hoog en de stenen zijn erg glad. Sommigen
wagen het erop en steken op blote voeten of sandalen de rivier
over. De rest gaat te paard.
Na nog een paar uurtjes lopen en genieten van het uitzicht, vinden
we een kampeerplek. Het waait behoorlijk, maar het uitzicht maakt
veel goed. En dan is het weer tijd om te eten en daarna snel naar
bed.
di 10-9 laatste dag in de bergen; we zien een karavaan en cowboys
Dit werd de laatste dag van onze trekking en gingen wij van 1700
naar 1300 meter.
Rik en Tuksan hadden zich verslapen, dus eerst het kamp opbreken,
inpakken en daarna pas ontbijt.
Het was zonnig weer met een frisse wind.
Iedereen begint zich inmiddels te verheugen op ons "hotel
met douche", nog even geduld.
Na een ontbijt van warme rijstepap met rozijnen of muesli met thee
vertrokken wij om 10 uur voor onze laatste trekking. Het terrein
was niet al te moeilijk en onderweg zagen wij nog een grote steencirkel
met n/o/z/w-assen, waarvan niemand weet wat de betekenis was.
De wandeling ging verder over een makkelijk begaanbaar pad. Om
12.30 een stop, voor de verzorging van blaren en de lunch. Na
de lunch verder langs en over kleine riviertjes met de wetenschap
dat wij aan het einde van de wandeling nog 3 bredere rivieren
over moeten, met paarden of te voet op sandalen. Met uitzondering
van Ans, die vrouwmoedig door het diepe water waadde, is iedereen
op een paard naar de overkant gegaan.
Achter ons zagen wij een kudde paarden aankomen van de gers die
wij bezocht hadden en daarna kwam de hele karavaan er aan. Dat
was een schitterend gezicht, ca. 16 kamelen met de gehele inventaris
van de gers, daarvoor dus de paarden. Achter de kamelen de yaks
en daarachter de schapen en geiten. Dit alles begeleid door "cowboys".
Het was een hele optocht en een bezienswaardigheid.
Om half 5 kwamen we bij ons eindpunt, Tarialan. Daar stonden 3
gers van Turken, geen Mongolen. Eén ger bezocht, kregen
uiteraard weer heerlijke yakthee, waarvoor de kommetjes van alle
buren geleend werden.
Toen ik even tijd had om in mijn dagboekje te schrijven stonden
alle kindertjes uit de gers om mij heen om te kijken wat ik aan
het doen was. Ik heb ze toen op een papiertje laten schrijven.
Eén
jochie kon alleen de A schrijven en was daar zo trots op, iedere
keer weer kwam hij terug om een A te schrijven..
Daarna was het tijd om afscheid te nemen van onze 2 Mongoolse mannen
die voor de kudde hebben gezorgd. We kregen van hen een rondje
wodka.
Toen met jeeps op pad naar onze allereerste kampeerplaats bij Ulaangom.
Maar eerst gingen we naar een restaurant om te eten. Wat een luxe,
stoelen om op te zitten en een tafel èn een biertje bij
het eten. Na afloop koffie met bonbons.
Aangekomen op onze kampeerplaats geprobeerd een kampeervuurtje
te maken dat ondanks heftig gewapper van Ria niet echt levensvatbaar
was. Heerlijk zacht weer en heerlijk geslapen in de wetenschap
dat me morgenavond in een echt bed slapen.
|